Actueel

Tienermoeder (of vader) en gezag

Wanneer je nog geen 18 jaar oud bent en moeder wordt, kunnen er problemen optreden omtrent het gezag over jouw kind. Als minderjarige kun je namelijk in beginsel geen gezag uitoefenen. Toch is het wenselijk dat er iemand het gezag over jouw kind uitoefent.

Lees meer

Ruiterongeval: eigen energie van pony of paard bij een ongeval tijdens groepsles op manege: art. 6: 179 BW

Op 22 januari 2019 heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden een interessant arrest gewezen over een ongeval met een paard c.q. pony tijdens een groepsles op een manege. Betrokkene diende een aantal hindernissen te springen, waarbij de laatste hindernis een zogenaamde dubbel sprong, twee op korte afstand van elkaar geplaatste hindernissen die bij elkaar horen, diende te nemen. Bij de tweede hindernis van de dubbelsprong weigerde het paard de sprong te nemen en is betrokkene met haar hoofd op de tweede hindernis terecht gekomen. Art. 6: 179 BW bepaalt dat een manege alleen dan aansprakelijk is wanneer uitgegaan zou moeten worden van de eigen energie van het paard. Het manege had als verweer gevoerd, dat de berijdster de pony onvoldoende zou hebben aangestuurd, en er dus sprake zou zijn van een ongeval door toedoen van de berijdster. Het gerechtshof is echter van mening dat ook al zou berijdster onvoldoende of geen “been” hebben gegeven, toch sprake is van de eigen energie van het paard, en het onberekenbare element in die energie ligt opgesloten. De manege is derhalve aansprakelijk op grond van art. 6.179... Lees meer

Boete bij alleen een religieus huwelijk

Op grond van de wet is het verplicht om eerst in het burgerlijke huwelijk te treden voordat u een religieus huwelijk mag aangaan. Dit houdt in dat u eerst moet trouwen op het gemeentehuis (of op een andere door de gemeente goedgekeurde locatie) voor een ambtenaar van de burgerlijke stand voordat u mag trouwen in de kerk, de moskee of een ander gebedshuis.

Lees meer

Vrijspraak uitkeringsfraude in de strafprocedure en de terugvorderingsprocedure door de gemeente

Wanneer u een bijstandsuitkering ontvangt op basis van de Participatiewet heeft u een informatieplicht ten opzichte van de gemeente. Dit betekent onder andere dat u al uw inkomsten, bijverdiensten en veranderingen omtrent uw leefsituatie (u gaat bijvoorbeeld samenwonen) aan de gemeente moet doorgeven. De gemeente bepaalt de invloed van de wijzigingen op de hoogte van uw uitkering.

Lees meer

Gevaarlijke honden deel II

Indien uw hond betrokken raakt bij meerdere bijtincidenten, kunnen er niet alleen een aanlijn- en muilkorfgebod worden opgelegd, maar kan uw hond ook in beslag worden genomen.

Lees meer

Antiek wapen verboden?

Is het aanwezig hebben van een antiek wapen altijd strafbaar? Mag die oude revolver van uw grootvader nog aan de muur blijven hangen, of maakt u zich daarmee schuldig aan een strafbaar feit?

Lees meer

Gebiedsverbod door burgemeester

De meeste mensen hebben wel eens van een locatie,- of gebiedsverbod gehoord. Bijvoorbeeld in het kader van een stalkingszaak waarbij de stalker niet in de buurt van zijn of haar slachtoffer mag komen. De civiele rechter kan iemand in dat geval verbieden om zich op een bepaalde locatie te bevinden, bijvoorbeeld in de straat waar het slachtoffer woont. Maar kan de burgemeester van een gemeente iemand verbieden om op een bepaalde locatie te komen?

Lees meer

Aansprakelijkheid bij ski-ongevallen

Veel Nederlands gaan jaarlijks op wintersportvakantie. Hoewel de meeste vakantiegangers zongebruind en ontspannen terugkomen, vinden er jaarlijks geregeld ongelukken op de piste plaats.

Lees meer

De deurwaarder heeft beslag gelegd op mijn uitkering of salaris. Wat nu?

Als u een schuld heeft en u heeft deze schuld niet op tijd betaald dan kan degene bij wie u de schuld heeft (schuldeiser) een deurwaarder (of bijvoorbeeld het LBIO bij een alimentatieschuld) inschakelen. De deurwaarder kan dan beslag leggen op uw salaris, uitkering of toeslagen. Het salaris of uw uitkering wordt dan niet langer naar u overgemaakt maar naar de deurwaarder.

Lees meer

Huur en medehuur bij woonwagenstandplaatsen

Gaat u samenwonen op een woonwagenstandplaats, dan is het aan te raden om een zogenaamd medehuurder te worden. Een medehuurder verkrijgt namelijk dezelfde rechten (en plichten) als de oorspronkelijke huurder. U blijft dan bijvoorbeeld huurder als de huurovereenkomst met de oorspronkelijke bewoner eindigt.

Lees meer

Gevaarlijke honden

Bij het uitlaten van uw hond zal deze veelal aangelijnd zijn, maar af en toe ook eens loslopen. In de meeste gevallen is dit geen enkel probleem, maar soms gaat het wel eens mis en raakt een hond betrokken bij een incident met een ander dier of soms zelfs met een persoon.

Lees meer

Kun je door landjepik eigenaar van gemeentegrond worden?

Frequent nemen burgers kleinere of grotere stukken gemeentegrond (oneigenlijk) in gebruik. Zij zetten bijvoorbeeld planten en een heg op het stuk gemeentegrond aangrenzend aan de tuin van hun woning. Na verloop van tijd kun je als burger door verjaring eigenaar van een dergelijk stuk (gemeente)grond worden.

Lees meer

Wet Arbeidsmarkt in Balans

70% van de flexwerkers geeft aan een vaste baan te willen. Teneinde de werknemer meer rechtszekerheid te geven zal de Wet Arbeidsmarkt in Balans inwerking treden, waarin de volgende maatregelen worden getroffen.

Lees meer

Bruidsgave of bruidsschat bij echtscheiding

Kan de vrouw bij de echtscheiding nu aanspraak maken op betaling van de (nog niet betaalde) bruidsgave? Sommige rechters beschouwen de bruidsgave als alimentatie. Anderen bepalen dat de bruidsgave onder het huwelijksvermogensrecht valt, waardoor deze onderdeel kan gaan uitmaken van de huwelijksgemeenschap.

Lees meer

Strafbeschikking van de officier van justitie: accepteren of niet?

Als u verdachte van een strafbaar feit bent, dan kan de officier van justitie er voor kiezen u een strafbeschikking aan te bieden. Dit betekent dat de officier van justitie u aanbiedt om buitengerechtelijk tot een oplossing te komen. Veelal wordt in een strafbeschikking een geldboete of taakstraf opgelegd.

Lees meer

Mag Haarlemse snackbar ‘s nachts uurtje langer open?

Sinds 2015 procedeert de eigenaar van een Haarlemse snackbar tegen de gemeente Haarlem. Hij zou willen dat zijn snackbar tot 05.00 uur in plaats van 04.00 uur open mag zijn, omdat hij vele klanten om 04.00 uur de deur moet wijzen. Hierdoor loopt hij omzet mis. 

Lees meer

Gefinancierde rechtsbijstand onder vuur

Door de Nederlandse overheid gefinancierde rechtsbijstand staat al enige tijd onder vuur. Ondanks protesten van advocaten in februari en juni van dit jaar is minister Dekker van Rechtsbescherming vooralsnog niet van plan extra geld in de gefinancierde rechtsbijstand te stoppen.

Lees meer

Strengere maatregelen afdwingen omgangsregeling na scheiding

 Na een echtscheiding waarbij kinderen in het spel zijn wordt normaal gesproken een omgangsregeling opgesteld. Hier kunnen de ouders zelf vorm aan geven in een ouderschapsplan en soms moet de rechter deze vaststellen als de vader en moeder er zelf niet uit komen.

Lees meer

Schoonzoon of dochter laten meedelen in de erfenis?

Sinds 1 januari 2018 is het huwelijksvermogensrecht gewijzigd in Nederland. Ook ten aanzien van het verkrijgen van een erfenis en of u deze wel of niet gedeeld moet worden met de partner/echtgenoot is er het een en ander gewijzigd.

Lees meer

Onderhoudsplicht stiefouder

De verplichting tot het betalen van kinderalimentatie geldt niet alleen voor ouders. In sommige gevallen kan een stiefouder ook verplicht zijn om bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding (minderjarigen) en/of levensonderhoud en studie (jong meerderjarigen) van hun stiefkinderen.

Lees meer

Geen vervolging van een verdachte na uw aangifte bij de politie?

Als u het slachtoffer bent van een strafbaar feit kunt u aangifte bij de politie doen. De politie beoordeelt uw aangifte en beziet of er een onderzoek naar de verdachte zal worden ingesteld. De officier van justitie is uiteindelijk degene die beslist of een verdachte wel of niet zal worden vervolgd.

Lees meer

Alimentatie en inkomsten jong meerderjarige

Hoeveel alimentatie ontvang je als jong meerderjarige? Het antwoord op deze vraag is niet eenvoudig.
Zo kan het zijn dat je als jong meerderjarige een fulltime baan hebt en volledig in je eigen levensonderhoud kan voorzien. In dat geval heb je geen recht op alimentatie.

Lees meer

Reizen met kinderen na scheiding

Indien u bent gescheiden of uit elkaar bent als partners of samenwoners is het verstandig om alles goed te regelen als u met uw kinderen op vakantie gaat.

Lees meer

Hoge Raad: stalking door middel van derden strafbaar?

De meeste mensen weten wel dat als je iemand anders heel vaak, tegen zijn of haar wil in, lastig valt met telefoontjes, e-mailtjes of bezoekjes dat er dan sprake van belaging (ook wel stalking genoemd) kan zijn. Maar is er ook sprake van stalking al je op iemand anders naam veel pizza’s bestelt en laat bezorgen en daarnaast twee valse advertenties op internet plaatst waarop iemand vele reacties krijgt?

Lees meer

Behoefte jong meerderjarigen

Bij het vaststellen van de alimentatie, wordt er altijd eerst vastgesteld wat de behoefte aan alimentatie is. Wat zijn de maandelijkse kosten? Bij kinderen tot 18 jaar wordt de behoefte vastgesteld aan de hand van het netto gezinsinkomen ten tijde van het samenzijn en het aantal kinderen binnen een gezin en de leeftijd van het betreffende kind.

Lees meer

Aftrek bijtelling bedrijfsauto bij berekening alimentatie

Bij het berekenen van de draagkracht van een alimentatieplichtige moet de fiscale bijtelling voor privégebruik van een bedrijfsauto worden afgetrokken van het resultaat uit de onderneming van de alimentatieplichtige. Dit oordeelde het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 11 april 2017 (ECLI:NL:GHARL:2017:3235).

Lees meer

Inbeslagneming smartphone, afgeven pincode

Stel je wordt aangehouden door de politie en je wordt verhoord en de politie vraagt of zij je pincode mogen hebben van je smartphone, ben je dan verplicht deze pincode te geven. Hierover heeft de Hoge Raad op 4 april 2017 (ECLI: NL: HR: 2017: 584,588 en 592) een interessante uitspraak gedaan.

Lees meer

Billijke vergoeding bij ontslag

Op 30 juni 2017 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan over de billijke vergoeding die kan worden toegekend bij een ontslag. Dit is een andere vergoeding dan de transitievergoeding, die kan worden toegekend als een werkgever de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig opzegt en de werknemer meer dan 24 maanden in dienst is geweest.

Lees meer

Huurovereenkomst bepaalde tijd: wel of geen opzegging nodig?

Per 1 juli 2016 is de Wet doorstroming huurmarkt in werking getreden. Daarmee zijn een aantal wijzigingen doorgevoerd met betrekking tot een huurovereenkomst voor bepaalde tijd. Voorheen was het zo dat een huurovereenkomst voor bepaalde tijd niet alleen door het verstrijken van de tijd verliep, maar was er een opzegging nodig.

Nu verloopt de huur…..

Lees meer

Overlevering: detentieomstandigheden in Roemenië

De rechtbank Amsterdam heeft op 26 april 2017 een interessante tussenuitspraak gewezen in een zaak waarin de overleveringsverzoek van een opgeëiste persoon door de Roemeense autoriteiten was gedaan.

Er was in die zaak een Europees aanhoudingsbevel…

Lees meer

Vechtscheiding: nieuwe aanpak scheidingszaken

Ongeveer twintig procent van de scheidingen loopt jaarlijks uit op een vechtscheiding. Er vinden binnen vechtscheidingen vaak vele rechtszaken plaats die onder meer betrekking kunnen hebben de echtscheiding zelf, het gezag over eventuele kinderen, de (kinder- en/of partner) alimentatie en de boedelverdeling.
Als er kinderen bij…

Lees meer

Google moet zoekresultaten verwijderen: recht op privacy bij zoekmachines

Art. 7 en 8 Handvest Europese Unie Inmiddels zijn er verschillende uitspraken na het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 13 mei 2014 Costeja (ECLI:EU:C:2014:317). Het gebeurt steeds vaker dat afbeeldingen en andere documenten op het internet verschijnen, waarvan de betrokkene van mening is dat deze niet tevoorschijn mogen komen…

Lees meer

Afwijzing toelating schuldsanering binnen tien jaar

In de wet is bepaald dat een verzoek om toegelaten te worden tot de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen als de WSNP minder dan tien jaar voorafgaand aan de dag waarop het verzoekschrift is ingediend al van toepassing is geweest. De vraag is echter: wanneer begint de termijn van tien jaar? De Hoge Raad heeft hier onlangs uitspraak over gedaan. De tienjarentermijn begint bij het materiële einde van de schuldsaneringsregeling, dus niet op het moment …

Lees meer

Voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst na ontslag op staande voet

Ingeval een werknemer voor de inwerkingtreding van de WWZ op staande voet door zijn werkgever werd ontslagen, dan kon zijn werkgever de kantonrechter tevens een verzoek om de voorwaardelijke ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst doen. Met inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) is hierin verandering gekomen.

Lees meer

Gevolgen geen bijstand van een advocaat tijdens het verhoor bij de politie

Een verdachte heeft recht om voorafgaand aan het eerste verhoor bij de politie een advocaat te raadplegen. Mocht de politie de verdacht hiertoe niet in de gelegenheid hebben gesteld, is dat een vormverzuim dat niet meer te herstellen is. In de regel leidt dit ertoe dat de verklaringen die de verdachte heeft afgelegd vóórdat hij een advocaat kon raadplegen, worden uitgesloten van het bewijs. Niet alleen voor het eerste verhoor, maar ook tijdens het verhoor heeft een verdachte het recht om zich te laten bijstaan door een advocaat. Ook in dit geval geldt het als vormverzuim als de verdachte niet in de gelegenheid is gesteld om zijn of haar advocaat bij het verhoor aanwezig te hebben. De vraag is echter of en welk gevolg aan dit vormverzuim verbonden moet worden. Over het algemeen wordt het niet in de gelegenheid stellen om voorafgaand aan het verhoor een advocaat te spreken ernstiger geacht dan de afwezigheid van een advocaat bij het verhoor. In het laatste geval hoeft het gevolg niet het uitsluiten van bewijs te zijn, terwijl dit in het eerste geval wel aan de orde is. Afhankelijk van de omstandigheden van het geval kan het vormverzuim dat de verdachte niet in de gelegenheid is gesteld om een advocaat bij het verhoor aanwezig te hebben, ertoe leiden dat er strafvermindering wordt toegepast. De rechter kan echter ook volstaan met de enkele vaststelling dat er een onherstelbaar vormverzuim heeft plaatsgevonden, maar daar verder geen gevolgen aan... Lees meer

Verzoek van een minderjarige tot het benoemen van een bijzondere curator

Minderjarigen zijn in beginsel handelingsonbekwaam. Dat betekent dat een minderjarige alleen met de toestemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger –vaak de ouder(s)- rechtshandelingen kan verrichten. Soms kan het voorkomen dat een minderjarige een conflict met zijn ouders heeft. Dat kan bijvoorbeeld gaan over de opvoeding of de verzorging van de minderjarige. Vaak spelen deze conflicten bij echtscheidingen of alimentatiezaken. Er moet echter wel sprake zijn van een wezenlijk conflict tussen de minderjarige en de ouders. De minderjarige kan zelf een verzoekschrift bij de rechter indienen waarmee hij de benoeming van een bijzonder curator verzoekt. Daarvoor heeft hij dus geen toestemming nodig van zijn wettelijk vertegenwoordiger(s). Dat zou ook niet haalbaar zijn, gelet op het feit dat de minderjarige juist daarmee een conflict heeft. Als de rechter het verzoek om een bijzonder curator toe- of afwijst, kan een minderjarige daartegen in hoger beroep gaan. In dat geval heeft de minderjarige wederom zijn wettelijk vertegenwoordiger(s) niet nodig, maar de minderjarige heeft voor het aanwenden van het rechtsmiddel wél de wettelijk verplichte rechtsbijstand van een advocaat nodig. Procesvertegenwoordiging is in dat geval dus noodzakelijk, terwijl de wettelijk vertegenwoordiger(s) daarbij uit beeld... Lees meer

Behoefte en afbouw partneralimentatie

In een echtscheidingsprocedure kan een echtgenoot aanspraak maken op partneralimentatie. De maximale termijn voor het betalen van partneralimentatie is 12 jaar, maar als het huwelijk korter duurder dan 5 jaar én echtgenoten samen geen kinderen hebben, is de termijn gelijk aan de duur van het huwelijk. Om aanspraak te kunnen maken op partneralimentatie moet behoefte daarvoor bestaan, dat wil zeggen dat de echtgenoot die aanspraak op partneralimentatie maakt niet in het eigen levensonderhoud kan voorzien. Deze behoefte moet onderbouwd zijn, bijvoorbeeld door middel van sollicitatiebrieven of andere stukken waaruit blijkt dat de echtgenoot actief op zoek is geweest naar werk om in het eigen levensonderhoud te kunnen voorzien. Is de behoefte op geen enkele wijze onderbouwd, kan het zijn dat door de rechter geoordeeld wordt dat de echtgenoot geheel in de huwelijksgerelateerde behoefte moet kunnen voorzien en wordt het verzoek om partneralimentatie afgewezen. Als er door de rechter wél een bedrag aan partneralimentatie wordt vastgesteld, kan de rechter ook bepalen dat deze partneralimentatie op termijn (variërend van bijvoorbeeld drie tot zeven jaar) op nihil wordt gesteld. De rechter verwacht dat de echtgenoot die partneralimentatie ontvangt, na het verstrijken van die termijn weer zelf in zijn levensonderhoud moet kunnen voorzien. In het uiterste geval kán de rechter zelfs tot het oordeel komen dat verplichting om partneralimentatie te betalen, eerder dan de wettelijke termijn eindigt, aangezien de rechter er dan van uitgaat dat de echtgenoot op dat moment volledig in zijn eigen levensonderhoud zou moeten kunnen... Lees meer

Beroep niet tijdig beslissen bestuursorgaan

Er zijn tal van situaties waarin u een aanvraag kunt doen bij een bestuursorgaan. U vraagt bijvoorbeeld een bijstandsuitkering aan bij uw gemeente of u vraagt een vergunning of ontheffing aan bij het Waterschap. Aanvragen bij bestuursorganen dienen schriftelijk bij het bestuursorgaan te worden ingediend en op zijn minst te zijn voorzien van uw naam, adres, de dagtekening en de aanvraag waarop u een beslissing van het bestuursorgaan wilt. Het desbetreffende bestuursorgaan waar u de aanvraag heeft ingediend dient tijdig op uw aanvraag te beslissen. De exacte termijnen staan in de Algemene Wet Bestuursrecht (AWB) genoemd. Indien een bestuursorgaan niet tijdig op uw aanvraag beslist dan kunt u in beroep gaan bij de rechtbank. In de regel is het wel zo dat u het bestuursorgaan eerst een ingebrekestelling stuurt waarin u het bestuursorgaan nog een termijn van twee weken geeft om alsnog op uw aanvraag te beslissen. Deze ingebrekestelling kan achterwege blijven als er veel spoed bij het instellen van beroep is. Als er geen spoed is en het bestuursorgaan heeft binnen de gestelde twee weken geen besluit genomen dan kunt u zich tot de bestuursrechter binnen de rechtbank richten. De bestuursrechter beoordeelt dan uw beroep. Als het beroep tegen het niet-tijdig nemen van een besluit gegrond wordt verklaard en er intussen geen besluit is genomen dan bepaalt de bestuursrechter dat het bestuursorgaan in beginsel binnen twee weken na de uitspraak van de rechter alsnog op uw aanvraag moet beslissen. Ook kan de bestuursrechter het bestuursorgaan een dwangsom opleggen omdat het niet tijdig op uw aanvraag heeft... Lees meer

Coffeeshops mogen worden vervolgd maar krijgen geen straf

Het gerechtshof Amsterdam heeft op 3 november 2016 een uitspraak gedaan waarbij eigenaren van coffeeshops weliswaar schuldig werden verklaard voor het op voorraad hebben van meerdere kilo’s hennep en hasj en voor het witwassen van de opbrengsten van de shops. De officier van justitie eiste tegen de eigenaars een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan zes voorwaardelijk. De verdediging eiste dat het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zou worden verklaard aangezien het Openbaar Ministerie door mee te werken aan het gedoogbeleid het vertrouwen opwekt dat de eigenaars niet zullen worden vervolgd. Het gerechtshof Amsterdam ziet echter geen mogelijkheid om het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren maar is wel van oordeel dat juist in de deze zaken van het opleggen van een straf kan worden afgezien. Kortom, nu het hier gaat om gedoogde coffeeshops die in goede verstandhouding met de autoriteiten opereerden, heeft het het gerechtshof de verdachten weliswaar schuldig verklaard maar geen straf... Lees meer

HUISHOUDELIJKE HULP IN DE WMO 2015

Op 1 januari 2015 is de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 in werking getreden. Wat betekende dit voor de huishoudelijke hulp van belanghebbenden? In vier uitspraken van 8 mei 2016 heeft de Centrale Raad van Beroep bepaald dat huishoudelijke hulp door de gemeente dient te worden vergoed als maatwerkvoorziening. Dit betekent dat huishoudelijke hulp niet kan geweigerd omdat het een algemeen gebruikelijke voorziening zou zijn. Ook betekent het treffen van een maatwerkvoorziening, dat onderzoek moet worden gedaan naar de individuele situatie. Tot dusverre heeft de Centrale Raad van Beroep alleen de criteria en de protocollen van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) als onderzoeksnormen geaccepteerd. Het is de gemeente dus niet toegestaan om subjectieve criteria te vermelden in de beleidsregels, zoals: “een schoon en leefbaar huis”. Ook mag de gemeente de huishoudelijke hulp niet indiceren met verwijzing naar een algemene voorziening. Indien de gemeente de norm aanscherpt door bijvoorbeeld twee uur huishoudelijke hulp te indiceren, terwijl voorheen vier uur huishoudelijke hulp was geïndiceerd, kan dit alleen op basis van zorgvuldig individueel onderzoek.... Lees meer

Boete DUO studiefinanciering altijd 50% van het terug te vorderen bedrag?

Op 1 juni 2016 heeft de Centrale Raad van Beroep een belangrijke uitspraak gedaan voor studenten van wie wordt gesteld dat zij een onjuist BRP-adres hebben opgegeven. Ten eerste stelt de Centrale Raad van Beroep dat de bewijslast rust op DUO en niet op de student. Meestal is dit gebaseerd op een huisbezoek op het BRP-adres van de studerende en soms het adres van de ouders en of een buurtonderzoek. Het resultaat wordt geëxtrapoleerd naar het verleden, zonder dat hieraan bewijzen ten grondslag liggen. Volgens de Centrale Raad van Beroep mag dit maximaal 12 maanden. Indien er twijfel bestaat over het antwoord of de studerende gehandeld heeft in strijd met de Wet Studiefinanciering, dient het voordeel van de twijfel aan de studenten te worden gegund. Voor wat betreft de hoogte van de boete is de standaardregel dat 50% van het bedrag dat wordt teruggevorderd, als boete wordt opgelegd. Immers, moeilijk denkbaar is dat overschrijving naar een ander adres niet opzettelijk wordt geregeld en evenmin laat zich gemakkelijk denken dat een studerende na een weloverwogen overschrijving niet verhuist zonder dat hij zich daarvan bewust is. Van verminderde verwijtbaarheid zal slechts bij een gering deel van de gevallen sprake zijn. Echter, als gevolg van bijzondere omstandigheden, kan hier wel sprake van zijn. Bijvoorbeeld bij onachtzaamheid, waardoor een overschrijving naar het nieuwe adres niet tijdig is geschied, dan wel dat de student een onjuiste keuze heeft gemaakt bij verblijf op meerdere adressen ten gevolge van bijzondere omstandigheden. Er zijn derhalve genoeg verweren aan te voeren tegen de terugvordering van studiefinanciering cq het opleggen van een boete van 50% van het terug te... Lees meer

Transitievergoeding van werkgever bij ontslag werknemer

Bent u langer dan twee jaar als werknemer bij uw werkgever in dienst geweest en is de werkgever degene die uw arbeidsovereenkomst opzegt of ontbindt? Dan kunt u aanspraak maken op de betaling van een transitievergoeding door uw werkgever.   Ook als uw werkgever ernstig verwijtbaar tegenover u heeft gehandeld dan kunt u, onder meer, voor een transitievergoeding in aanmerking komen.   De wijze waarop de hoogte van de transitievergoeding moet worden berekend is in het Burgerlijk Wetboek geregeld (artikel 7:673).   Voor de eerste tien jaren dat u werkzaam bent geweest dient u een zesde van uw maandloon te nemen voor elke periode van zes maanden dat de arbeidsovereenkomst heeft geduurd. De transitievergoeding bedraag maximaal € 75.000,- of een bedrag gelijk aan ten hoogste het loon over twaalf maanden indien dat loon hoger is dan dat bedrag.   Mocht u met uw werkgever in onderhandeling willen gaan over de hoogte van het bedrag dan kan de kantonrechtersformule (een wijze van berekenen die voorafging aan de huidige regeling van de transitievergoeding) een leidraad vormen voor de onderhandelingen.   U kunt altijd een advocaat raadplegen over de ontbinding of opzegging van uw overeenkomst door uw werkgever en de transitievergoeding. Ook bij onderhandelingen met uw werkgever kan rechtsbijstand waardevol zijn. Veelal betaalt de werkgever de kosten voor de... Lees meer

Ontslag werknemer op eigen verzoek

Het is vaste jurisprudentie dat er hoge eisen worden gesteld aan het ontslag op eigen verzoek van een werknemer. Zelf ontslag nemen kan namelijk zeer negatieve gevolgen hebben voor een werknemer en als een werknemer in een zodanige gemoedstoestand verkeert (bijvoorbeeld boos of verdrietig of gefrustreerd) dat hij de gevolgen van zijn ontslagname niet kan overzien, kan hij hier op een later moment spijt van krijgen en zijn ontslagname terug willen draaien.   Bij een ontslag op eigen verzoek moet er sprake zijn van een duidelijke en ondubbelzinnige wilsverklaring van de werknemer. Het heeft dan de voorkeur dat er een schriftelijke verklaring van de werknemer ligt waarmee hij zijn ontslag indient.   Geregeld komt het echter voor dat een werknemer ‘uit boosheid’ roept dat hij ontslag neemt. Het is dan aan de werkgever om actief te bekijken of de werknemer daadwerkelijk ontslag wilde nemen. Daarbij moet de werkgever onder andere letten op de gemoedstoestand van de werknemer op het moment van ontslagname en of de werknemer de gevolgen van zijn ontslag kan overzien, zoals het wellicht niet ontvangen van een WW-uitkering. Er geldt dus een informatieplicht aan de zijde van de werkgever en een werkgever zou, indien een werknemer mondeling ontslag neemt, een korte bevestiging van het gesprek kunnen opstellen, waarin hij de gevolgen van het ontslag benoemt en aan de werknemer een bedenktijd geeft, zodat de werknemer in de gelegenheid wordt gesteld over zijn ontslag na te denken en eventueel juridisch advies kan... Lees meer

Toestemming van gezaghebbende ex-partner voor verhuizing met kinderen na scheiding

Stel: U bent gescheiden. U heeft een kind met uw ex-partner en u heeft beiden het gezag over dit kind. Uw kind heeft hoofdverblijfplaats bij uw ex-partner. Mag uw ex-partner dan zonder uw toestemming met uw kind verhuizen naar bijvoorbeeld een andere woonplaats of zelfs naar het buitenland?   Uw ex-partner moet u om toestemming voor de verhuizing te vragen. Geeft u die toestemming, dan kan uw ex-partner met het kind verhuizen. Geeft u die toestemming niet dan moet uw ex-partner bij de rechtbank om vervangende toestemming voor de verhuizing met het kind vragen.   Er kan dan een (kort geding-) procedure worden gestart om de ex-partner met uw kind te verplichten terug te keren naar de oorspronkelijke woonplaats.   De rechtbank zal dan, gezien de wijziging van de hoofdverblijfplaats van een kind en de verhuizing, aan de volgende in de rechtspraak ontwikkelde criteria toetsen: 1) het recht of belang van de verhuizende ouder om te verhuizen en de vrijheid om zijn leven opnieuw in te richten; 2) de noodzaak om te verhuizen; 3) de mate waarin de verhuizing is doordacht en voorbereid; 4) de door de verhuizende ouder geboden alternatieven en maatregelen om de gevolgen van de verhuizing voor het kind en de andere ouder te verzachten/compenseren; 5) de mate waarin de ouders in staat zijn tot onderlinge communicatie en overleg; 6) de rechten van de andere ouder en het kind op onverminderd contact met elkaar in hun vertrouwde omgeving, de verdeling van zorgtaken en de continuïteit van de zorg; 7) de frequentie van het contact tussen het kind en de andere ouder voor en na de verhuizing;... Lees meer

Aansprakelijkheid van de Staat bij onrechtmatig strafvorderlijk optreden

Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad kan de Nederlandse Staat uitsluitend aansprakelijk worden gehouden voor schade voortvloeiend uit de toepassing van strafvorderlijke dwangmiddelen indien het dwangmiddel is toegepast in strijd met de wet dan wel wanneer sprake is van veronachtzaming van fundamentele vereisten (zie: HR 13 oktober 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV6956).   Daarnaast kan de Staat aansprakelijk worden gesteld indien achteraf uit het strafvorderlijk onderzoek blijkt – uit bijvoorbeeld een einduitspraak of anderszins – dat de verdenking van een strafbaar feit jegens een verdachte ten onrechte heeft bestaan.   Op het moment dat u derhalve verdachte bent (geweest) en de politie bijvoorbeeld (veel) schade tijdens de doorzoeking van uw woning of auto heeft toegebracht dan kunt u onder de voornoemde voorwaarden aanspraak maken op een schadevergoeding van de... Lees meer

Cassatieberoep tegen een verlengingsbeslissing TBS van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Tegen een eindbeslissing van het gerechtshof Arnhem- Leeuwarden tot verlenging van terbeschikkingstelling (TBS) met dwangverpleging is geen gewoon beroep in cassatie mogelijk (art. 509x lid 2 van het Wetboek van Strafvordering). Het gaat bij verlengingsbeslissingen ten aanzien van de TBS namelijk hoofdzakelijk om feitelijke vragen. De procureur-generaal bij de Hoge Raad kan wel cassatieberoep in het belang der wet nodig oordelen en instellen (art. 456 lid 1 van het Wetboek van... Lees meer

Whiplashletsel en de Hoge Raad

Op 20 december 2013 en 13 februari 2015 heeft de Hoge Raad twee belangrijke arresten gewezen als het gaat om whiplashletsel.   De arresten zijn slachtoffervriendelijk.   Een whiplash kan worden omschreven als een acceleratie – deceleratiemechanisme waarbij krachten inwerken op de nek, dat onder meer optreedt bij auto-ongevallen, met name bij aanrijdingen van achteren of de zijkant.   Slachtoffers worden geconfronteerd met tal van typische klachten als pijn in de nek, het hoofd, schouders en armen, duizeligheid, cognitieve problemen en ook psychologische veranderingen.   Voorheen werd een neuroloog als expertiserend arts ingeschakeld, die zou kunnen vaststellen of er sprake is van objectieve medische blijvende beperkingen, vast te stellen in een functioneel invaliditeitspercentage.   Aangezien objectief geen beperkingen kunnen worden vastgesteld, heeft de vereniging van neurologen aangegeven dat zij geen percentage functionele invaliditeit kunnen toekennen.   De Hoge Raad heeft echter beslist dat er geen vereiste bestaat van een medisch objectieve afwijking maar dat gekeken moet worden naar de plausibiliteit van de klachten en de beperkingen. Met andere woorden de jurist (rechter) heeft het laatste woord en zal moeten bekijken of de klachten reëel aanwezig en niet voorgewend en niet overdreven... Lees meer

Voorrang voor een sociale huurwoning door middel van een urgentieverklaring

In veel regio’s is er een tekort aan sociale huurwoningen om alle woningzoekenden aan een sociale huurwoning te helpen. De meeste mensen moeten daarom een paar jaar op een sociale huurwoning wachten.   Sommige mensen kunnen voorrang krijgen in hun zoektocht naar een sociale huurwoning. Voorrang wordt verleend indien aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. U dient, onder meer, 18 jaar of ouder te zijn, minimaal 1 jaar ingeschreven te staan in de Basisregistratie Personen in de gemeente waarin u de urgentie aanvraagt en buiten uw schuld om in een onhoudbare situatie te zijn beland. Daarnaast dient u aan te tonen dat het verlenen van voorrang op een sociale huurwoning voor u noodzakelijk is, omdat er bijvoorbeeld sprake is van een levensbedreigende situatie. Ook dient een direct verband te bestaan tussen het probleem en de woonsituatie.   Aan een urgentieaanvraag kunnen kosten zijn verbonden.   Indien de urgentieaanvraag wordt afgewezen kan hiertegen bezwaar worden gemaakt.   U kunt bij het indienen van een bezwaarschrift (en indien dit wordt afgewezen, bij het opstellen van een beroepschrift) rechtsbijstand van een advocaat vragen.   Indien u daarvoor in aanmerking komt kan hiervoor een verzoek om gefinancierde rechtsbijstand bij de Raad voor Rechtsbijstand worden ingediend. U dient dan veelal slechts een eigen bijdrage te betalen. Indien u niet voor gefinancierde rechtsbijstand in aanmerking komt kan worden afgesproken welke kosten aan rechtsbijstand zijn... Lees meer

Beroep tegen een gedragsaanwijzing van de officier van justitie

Op grond van art. 509hh Wetboek van Strafvordering kan de officier van justitie in geval van verdenking van een strafbaar feit een gedragsaanwijzing geven aan een verdachte tegen wie ernstige bezwaren bestaan. Deze gedragsaanwijzing kan inhouden dat de verdachte niet in een bepaald gebied mag komen, geen contact mag hebben met bepaalde personen, zich op bepaalde tijdstippen moet melden of dat hij zich moet laten begeleiden bij hulpverlening. De officier van justitie moet deze gedragsaanwijzing schriftelijk bekend maken, waarbij de datum vermeld moet worden wanneer de gedragsaanwijzing ingaat en voor welke periode de gedragsaanwijzing geldt. Dit mag voor maximaal 90 dagen. Deze periode mag drie keer verlengd worden, als niet tijdig een onherroepelijk vonnis (waartegen geen rechtsmiddel meer openstaat) is gewezen. Tegen zo een gedragsaanwijzing en de verlenging kan je in beroep gaan bij de rechtbank. Opvallend is dat in de wet niet is vermeld binnen welke termijn het beroep ingesteld moet zijn. Het is dus niet aan een bepaalde termijn gebonden. Als het beroep eenmaal is ingesteld, beslist de rechtbank zo spoedig mogelijk. Ook voor wat betreft de beslissing van de rechtbank is in wet dus niet vastgelegd binnen welke termijn dit dient te gebeuren.... Lees meer

Opbouw vakantiedagen tijdens ziekte

Voor 1 januari 2012 bouwde de zieke werknemer alleen vakantiedagen op gedurende de laatste zes maanden van zijn ziekte.   Naar aanleiding van een uitspraak van het Europese hof van Justitie, is de wet gewijzigd per 1 januari 2012 en bouwen zieke werknemers vakantiedagen op tijdens de gehele ziekteperiode.   De Hoge Raad heeft op 18 september 2015 geoordeeld dat zieke werknemers hun schade vergoed kunnen krijgen voor het verlies van vakantiedagen, ook voor 1 januari 2012.   Indien u voor 1 januari 2012 langer dan een half jaar ziek bent geweest, heeft het derhalve zin te onderzoeken of u recht heeft op schadevergoeding van de... Lees meer

De omgangsondertoezichtstelling

Een minderjarige kan soms door de kinderrechter onder toezicht worden gesteld om daarmee te bewerkstelligen dat er omgang tussen de minderjarige en een van zijn ouders tot stand komt. Deze ‘omgangsondertoezichtstelling’ komt niet vaak voor en er zijn hoge eisen aan gesteld om deze op te kunnen leggen. Het is vaste rechtspraak dat de kinderrechter in het geval van een omgangsondertoezichtstelling moet aangeven op grond van welke gegevens hij van oordeel is dat de wettelijke gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig zijn. De Hoge Raad heeft dit in de uitspraak van 19 februari 2016 (ECLI:NL:HR:2016:295) nog eens bevestigd. De kinderrechter zal in de oordeelsvorming moeten betrekken of de ernstige bedreiging voor de zedelijke of geestelijke belangen van de minderjarige kunnen worden afgewend door het inzetten van andere, minder ingrijpende maatregelen dan een ondertoezichtstelling. De kinderrechter moet verder onderzoeken of deze andere middelen al hebben gefaald of te voorzien is dat deze middelen zullen falen. Verder worden er hoge eisen gesteld aan de motivering van de toewijzing van de verzochte ondertoezichtstelling. Voordat een minderjarige onder toezicht kan worden gesteld vanwege een omgangsregeling moet dus eerst aan strenge voorwaarden worden... Lees meer

Recht op aanwezigheid van een advocaat tijdens het politieverhoor

Met ingang van 1 maart 2016 heeft een aangehouden verdachte het recht op de aanwezigheid van een advocaat tijdens zowel het eerste verhoor bij de politie, als tijdens de daaropvolgende politieverhoren. Eerder had een verdachte slechts het recht om voorafgaand aan het eerste verhoor bij de politie een advocaat te raadplegen, de zogenaamde consultatiebijstand. De Hoge Raad besliste op 22 december 2015 dat de rechten van de verdachte dienden te worden uitgebreid en dat de verdachte het recht heeft op verhoorbijstand. De Hoge Raad zet hiermee druk op de implementatie van de Europese richtlijn “Access to a lawyer”, welke richtlijn uiterlijk op 27 november 2016 in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd dient te zijn. Vanuit het oogpunt van rechtsbescherming is dit een positieve ontwikkeling. Voorafgaand aan elk verhoor dient de verdachte te worden gewezen op zijn recht op bijstand van een raadsman/vrouw. De verdachte kan uitdrukkelijk, dan wel stilzwijgend, afstand doen van dit recht. Dit dient ondubbelzinnig te gebeuren. Op het moment dat een aangehouden verdachte niet in de gelegenheid is gesteld zich bij zijn verhoor te laten bijstaan door een advocaat, dan levert dit een vormverzuim op binnen het politieonderzoek. De rechter die de zaak behandelt kan hier, naar aanleiding van een verweer daartoe, een rechtsgevolg aan... Lees meer

Loondoorbetaling tijdens situatieve arbeidsongeschiktheid, art. 7: 628 BW

De hoofdregel is: “geen arbeid, geen loon”   Als er een arbeidsconflict is en de werknemer weigert te werken omdat hij stelt dat hij ziek is vanwege de situatie op de arbeidsplek, dan kan hij toch recht doen gelden op doorbetaling van loon.   De Hoge Raad heeft in het arrest MAK / SGBO een drietal voorwaarden geformuleerd:   Van de werknemer kan redelijkerwijs niet worden gevergd dat hij zijn werkzaamheden hervat dit is vanwege een oorzaak die in redelijkheid voor risico van de werkgever dient te komen de werknemer dient in beginsel alle medewerking te verlenen aan inspanningen die erop gericht zijn de oorzaken van het verzuim weg te nemen   Het is aan de werkgever om te stellen en bij betwisting aannemelijk te maken dat het niet kunnen verrichten van de arbeid in redelijkheid voor rekening van de werknemer komt. Dit is in overeenstemming met de hoofdregel van de bewijslastverdeling, neergelegd in art. 150... Lees meer

Beslagvrije voet hanteren wonend in het buitenland?

Als je schuld hebt, mag er beslag worden gelegd op je inkomen (loon of uitkering). Een deel van je inkomen is echter vrij van beslag, dat betekent dat daarop geen beslag mag worden gelegd. Dat heet de beslagvrije voet. Hoe hoog het deel van het inkomen is waar geen beslag op gelegd mag worden, is afhankelijk van je woonsituatie. Zo hangt het er bijvoorbeeld vanaf of je alleenstaand bent of samenwonend/getrouwd, kinderen hebt of niet en of je ouder of jonger bent dan de pensioengerechtigde leeftijd. De beslagvrije voet wordt bepaald door middel van een berekening. Van het deel waar geen beslag op wordt gelegd, word je geacht te kunnen leven. Dat deel kan dus veel minder zijn dan het inkomen dat je zonder beslag had.   Als je in het buitenland woont, maar inkomen hebt uit Nederland gelden er echter andere regels. De wet bepaalt dat op het gehele inkomen dat je uit Nederland ontvangt beslag mag worden gelegd. Dat betekent dat je, als je alléén inkomen uit Nederland hebt waar beslag op wordt gelegd, helemaal geen inkomsten meer hebt! Er wordt namelijk vanuit gegaan dat je in het land waar je woont ook nog inkomsten hebt en dat je daarvan kan leven. Dat is natuurlijk lang niet altijd het geval. Soms ben je afhankelijk van het inkomen uit Nederland. Heb je dan gedurende het beslag helemaal geen inkomen? Nee. De wet geeft voor deze gevallen een voorziening. Er kan dan een verzoek worden ingediend bij kantonrechter om de beslagvrije voet alsnog te laten vaststellen. Als je kan aantonen dat je in het buitenland onvoldoende middelen van bestaan... Lees meer

Toelating tot de wettelijke schuldsanering ondernemer

Op 20 november 2015 heeft de Hoge Raad een belangwekkende uitspraak gedaan over toelating tot de wettelijke schuldsanering.   Indien een ondernemer zijn onderneming staakt met een grote schuldenlast, wordt hij in zijn algemeenheid niet toegelaten tot de wettelijke schuldsanering. Hij zou dan niet te goeder trouw schulden hebben gemaakt.   Toch laat de Hoge Raad een mogelijkheid open. Indien namelijk in de periode na het ondernemerschap blijkt dat de ondernemer – die weer in loondienst is gegaan – in die periode geen nieuwe schulden maakt, dient hij toch  als te goeder trouw te worden aangemerkt en derhalve toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsanering.   Indien u een afwijzing krijgt van de rechtbank, heeft het wel degelijk zin beroep in te stellen De beroepstermijn is kort! Maar acht... Lees meer

Uithuisplaatsing van een minderjarige in een gesloten instelling: kan dat zomaar?

Uithuisplaatsing van een minderjarige in een gesloten instelling: kan dat zomaar?   Het antwoord daarop is natuurlijk: nee. Zo’n ingrijpende beslissing over een minderjarige moet door de kinderrechter genomen worden. De kinderrechter moet een machtiging verlenen om een minderjarige in een gesloten instelling te kunnen plaatsen. Als de kinderrechter geen machtiging verleend, mag een minderjarige ook niet uit huis geplaatst worden. Tussenkomst van de kinderrechter is dus vereist.   De kinderrechter moet bepalen of aan de wettelijke vereisten om een minderjarige in een gesloten instelling te plaatsen, is voldaan. In de eerste plaats moet deze jeugdhulp naar het oordeel van de kinderrechter noodzakelijk zijn in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van een minderjarige naar volwassenheid ernstig belemmeren én daarnaast moet de opneming en het verblijf noodzakelijk zijn om te voorkomen dat een minderjarige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. Verder moet een gekwalificeerde gedragswetenschapper een minderjarige hebben onderzocht en instemming voor de gesloten uithuisplaatsing hebben gegeven.   En wat is de rol van de ouders? Voor de rol van de ouders moet onderscheid gemaakt worden tussen gesloten plaatsing in een gedwongen kader en in een vrijwillig kader. Wanneer sprake is van gesloten plaatsing in een gedwongen kader is, naast de hierboven genoemde vereisten, een ondertoezichtstelling noodzakelijk. De instemming van de ouders is in dit geval niet vereist, zoals het woord ‘gedwongen’ eigenlijk ook al deed vermoeden.   Indien er sprake is van het vrijwillig kader moet de wettelijk vertegenwoordiger (de ouders) met de opneming en het verblijf van een minderjarige in de gesloten instelling instemmen. Instemming van de ouders is... Lees meer

Uitspraak Hoge Raad 9 oktober 2015 kindgebonden budget en kinderalimentatie

Met de Wet Herziening Kindregelingen (WHK), die op 1 januari 2015 in werking is getreden, zijn er een aantal veranderingen doorgevoerd met betrekking tot de bijdrage die de overheid levert in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen. Zo is de alleenstaande oudertoeslag in de bijstand en de alleenstaande ouderkorting komen te vervallen. Daarnaast is de aftrekpost ‘levensonderhoud kinderen’ afgeschaft, wat betekent dat de ouder die kinderalimentatie betaalt, deze kosten niet meer van de inkomstenbelasting kan aftrekken. Daarentegen kunnen sommige alleenstaande ouders vanaf 1 januari 2015 wél aanspraak maken op een verhoging van het kindgebonden budget. De verhoging van dit kindgebonden budget wordt de ‘alleenstaande ouderkop’ genoemd en vervangt de alleenstaande oudertoeslag en alleenstaande ouderkorting. Hoe moet er nu met (deze verhoging van) het kindgebonden budget worden omgegaan bij het berekenen van kinderalimentatie? Daar heeft de Hoge Raad op 9 oktober 2015 (ECLI:NL:HR:2015:3011) uitspraak over gedaan, naar aanleiding van de prejudiciële vragen die het gerechtshof Den Haag had gesteld. Vanaf 1 januari 2015 werd het bedrag dat de ouder aan kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouderkop ontving, in mindering gebracht op de behoefte van een kind. Daardoor kon het voorkomen dat de behoefte van een kind gelijk was aan het bedrag dat de ouder aan kindgebonden budget ontving. Het gevolg daarvan was dat er soms geen kinderalimentatie meer betaald hoefde te worden, omdat het kindgebonden budget volledig in de behoefte van het kind voorzag. De Hoge Raad heeft nu geoordeeld dat het kindgebonden budget op een andere manier in de alimentatieberekening moet worden meegenomen dan tot nu toe werd gedaan: het kindgebonden budget moet niet in mindering worden... Lees meer

Contact opnemen

Contact opnemen Wilt u contact opnemen met één van onze advocaten of heeft u een andere vraag. Dan kunt u gebruik maken van ons contact formulier. Lees meer